Uitspraak: DeGiro sluit rekening om niet-meewerken cliëntenonderzoek

De Geschillencommissie van het Kifid oordeelt in GC 2025-0911 (14 november 2025) dat DeGiro de beleggingsrekening van een klant mocht beëindigen omdat hij onvoldoende meewerkte aan het cliëntenonderzoek. De broker had volgens de Wwft een zelfstandige plicht om de bron van het belegde vermogen te verifiëren. De opzegging én de verkoop van de posities waren toegestaan.


Belang zaak voor beleggers en ondernemers

Op 14 november 2025 deed de Geschillencommissie van het Kifid (hierna: Kifid) uitspraak in de zaak GC 2025-0911, een bindend advies tussen een particuliere belegger en DeGiro. De consument vond dat DeGiro zijn beleggingen onterecht had verkocht en zijn rekening had beëindigd. Terwijl hij naar zijn eigen zeggen voldoende informatie had verstrekt. Kifid oordeelde anders: het cliëntonderzoek van DeGiro was niet onredelijk en de broker mocht de rekening sluiten toen de klant weigerde verdere informatie te geven.


Deze uitspraak is relevant voor beleggers of mensen die vermogensstromen via brokers of banken laat lopen. De Wwft-verplichtingen worden steeds strikter toegepast en financiële instellingen mogen en moeten actief controleren waar vermogen vandaan komt. Wie niet of te laat reageert, loopt het risico op blokkades, opzeggingen en gedwongen verkoop van posities.


Feiten in GC 2025-0911

De kern van het geschil draaide om twee vragen:


  1. Welke informatie mag een broker als DeGiro opvragen in een cliëntenonderzoek?
  2. Mag de broker een beleggingsrekening beëindigen en posities sluiten als de klant die informatie niet of niet juist aanlevert?

In deze zaak had de klant in totaal ruim €440 000 op zijn beleggingsrekening gestort. Toen DeGiro vroeg om een toelichting op de herkomst van dit vermogen, stuurde de klant aangiftes inkomstenbelasting en jaarcijfers van zijn onderneming. Voor DeGiro was dat onvoldoende. In e-mails van december 2023, februari 2024 en juli 2024 vroeg de broker meermaals om een chronologisch overzicht van de vermogensopbouw, inclusief onderbouwende documenten zoals verkoopbewijzen, dividendbesluiten of rekeningafschriften.


De klant gaaf aan “niet van plan” te zijn verdere informatie aan te leveren. DeGiro kondigde daarop de beëindiging aan, gaf extra uitstel en sloot uiteindelijk het account en de posities. De klant stelde dat DeGiro dit niet mocht doen.


Oordeel Kifid

Het Kifid beantwoorde de twee bovenstaande vragen bevestigend. Ter onderbouwing daarvan oordeelde zij dat:


  • Het cliëntenonderzoek redelijk en proportioneel was;
  • De klant voldoende kansen heeft gehad om de gevraagde gegevens te verstrekken;
  • DeGiro op grond van artikel 5 lid 3 Wwft verplicht was de relatie te beëindigen;
  • De Voorwaarden Beleggingsdiensten van DeGiro een duidelijke bevoegdheid gaven om posities te sluiten als het account werd beëindigd.

De vordering van de klant werd daarom afgewezen.


Waarom mocht DeGiro deze informatie opvragen?

De uitspraak laat opnieuw zien dat brokers een ruime bevoegdheid hebben om informatie op te vragen aan klanten. Die bevoegdheid volgt uit de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft).


1. Doorlopende controle is verplicht (artikel 3 lid 2 Wwft)

Volgens artikel 3 lid 2 Wwft moeten financiële instellingen voortdurend controleren of transacties passen bij de kennis die zij van de klant hebben. Dat betekent dat een beleggingsinstelling:


  • Zonder concrete verdenking;
  • Op elk moment;
  • Nadere documentatie mag vragen;
  • Over de herkomst van vermogen of inkomsten.

Er hoeft dus geen signalering te zijn dat iets niet klopt. Het cliëntenonderzoek is onderdeel van een doorlopende wettelijke taak.


2. Beleggingsinstellingen mogen in beginsel zelf bepalen welke informatie zij nodig vinden

Kifid benadrukt opnieuw dat instellingen zelf de vrijheid hebben om hun cliëntenonderzoek in te richten. Daarbij geldt alleen de grens van de redelijkheid en proportionaliteit. In eerdere uitspraken oordeelde Kifid hetzelfde: als het verzoek logisch past bij de omvang van het belegde vermogen en de risico’s, mag een financiële instelling relatief vergaande informatie vragen.In deze zaak ging het om ruim €440 000 aan stortingen in 2021. Bij dit soort bedragen is de vraag naar aanvullende documentatie zeer gebruikelijk.


3. Dat een andere bank al een Wwft-onderzoek deed, is irrelevant

De klant stelde dat zijn geld afkomstig was van een bankrekening die ‘ook onder de Wwft valt’. Maar elke instelling moet zelfstandig onderzoek doen. Instellingen mogen niet vertrouwen op het onderzoek van anderen.


Waarom mocht DeGiro het account beëindigen en de posities sluiten?


1. Op grond van de Wwft was de beëindiging verplicht


Artikel 5 lid 3 Wwft is duidelijk:


Als een instelling het cliëntenonderzoek niet kan afronden door gebrek aan informatie, moet zij de relatie beëindigen.


Kifid benadrukt dat dit geen voorkeur van de broker is, maar een wettelijke verplichting.


2. De klant had de voorwaarden geaccepteerd

De klant betoogde dat hij de voorwaarden nooit had ontvangen. Maar DeGiro toonde het ondertekende acceptatieformulier, waarin de klant verklaarde de documenten te hebben opgeslagen en gelezen. Daarmee staat vast dat artikel 26 van de Voorwaarden Beleggingsdiensten geldt.


3. Artikel 26 geeft de broker de bevoegdheid om posities te sluiten


De Voorwaarden bevatten een duidelijke clausule:


  • De rekening moet op de datum van beëindiging een nulsaldo hebben;
  • Als dat niet zo is, mag DeGiro de posities zelf sluiten.

Kifid oordeelt dat DeGiro correct heeft gehandeld: de klant had zelf posities kunnen sluiten of overhevelen, maar deed dat niet.


4. Termijn van opzegging was uiteindelijk wel correct


Hoewel de eerste opzeggingstermijn korter dan twee maanden was, heeft DeGiro later extra tijd gegeven. De klant klaagde bovendien niet over de termijn, maar over de beëindiging zelf.


Wat betekent deze uitspraak voor u als belegger of ondernemer?

Deze uitspraak laat zien dat brokers en banken:


  • Vergaande informatie mogen opvragen bij grote stortingen of opvallende transacties;
  • Niet kunnen volstaan met belastingaangiftes of algemene documenten;
  • Zelfstandig moeten toetsen en niet mogen leunen op andere financiële instellingen;
  • Verplicht kunnen zijn de relatie te beëindigen bij onvoldoende medewerking;
  • Posities mogen sluiten bij opzegging, mits contractueel geregeld.

U hoeft niets verkeerd te hebben gedaan om in een intensief cliëntenonderzoek terecht te komen. Maar niet reageren of onvoldoende onderbouwen kan wél grote gevolgen hebben.


Klik hier voor de volledige uitspraak


Financieel Recht Advocaten

Deze uitspraak van het Kifid laat opnieuw zien dat financiële instellingen in de zin van de Wwft vergaande bevoegdheden voor het uitvoeren van het cliëntenonderzoek hebben. Voor u als klant is het belangrijk om te weten dat u zich hiertegen kan verweren.


Heeft u te maken met een beëindigde relatie met uw beleggingsinstelling of een andere financiële instelling? Neem dan vrijblijvend contact op met Financieel Recht Advocaten. Wij zijn gespecialiseerd in geschillen met financiële dienstverleners en kunnen u helpen uw rechten te waarborgen.


Bronnen

Lenie Spoor

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 20+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 20+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant