Consument zou bij het indienen van schadeclaims hebben gefraudeerd. Als gevolg hiervan heeft Aegon Schadeverzekering zijn persoonsgegevens geregistreerd in de interne en externe Verwijzingsregisters. De consument heeft daarom een klacht ingediend bij het Financiële Klachteninstituut Kifid.

Aanleiding

Consument heeft een schadeverzekering bij Aegon. Hij zou op een gegeven moment schade hebben opgelopen. Hij heeft hiervoor een claim ingediend bij Aegon en zij hebben een voorschot betaald voor de totale geclaimde schade. Als de schade volledig was hersteld kon de consument het restbedrag in een factuur indienen. De consument heeft toen tegelijkertijd een factuur ingediend bij de verzekeraar en offerte opgevraagd bij een bevriende aannemer. Door het indienen van deze factuur heeft de consument doen voorkomen dat de herstelwerkzaamheden al waren uitgevoerd, terwijl achteraf gebleken is dat dat niet het geval was.

Als gevolg hiervan heeft de verzekeraar de persoonsgegevens van de consument geregistreerd in het Incidenten registers en de daaraan gekoppelde externe Verwijzingsregisters. Deze registratie heeft een duur van 4 jaar. Ook heeft de verzekeraar de persoonsgegevens geregistreerd in de Gebeurtenissenadministratie en het daaraan gekoppelde Intern Verwijzingsregister voor een duur van 8 jaar.

Tot slot heeft Aegon een melding gemaakt bij het Centrum Bestrijding Verzekeringscriminaliteit (CBV) en vorderen ze € 2.500,- voor de gemaakte onderzoekskosten.

De Klacht

De consument vindt dat Aegon ten onrechte aanneemt dat hij bij een tweetal ingediende claims fraude heeft gepleegd. Hij vordert dan ook doorhaling van de registraties van zijn persoonsgegevens in de hierboven genoemde registers en ongedaan making van de melding van de incidenten registratie aan het CBV.

Ook vordert consument van de verzekeraar een verklaring voor recht dat zij de onderzoekskosten niet op hem kan verhalen.

Beoordeling

De commissie moet eerst bepalen of de verzekeraar het recht heeft gehad om de persoonsgegevens te registreren in de registers. Voor de opname van de persoonsgegevens moet sprake zijn van een zwaardere verdenking dan een redelijk vermoeden van schuld aan fraude.

Door tegelijkertijd een factuur in te dienen bij de verzekeraar en een offerte op te vragen bij een bevriende aannemer, kan het lijken op fraude. De consument heeft zo doen voorkomen dat de werkzaamheden al waren uitgevoerd, maar dat was niet het geval.

De commissie gaat niet mee met het argument dat de consument het bericht niet goed had gelezen en daarom deze fout heeft gemaakt. Ook kon de consument de vragen van de commissie tijdens de zitting niet tot nauwelijks beantwoorden. Dit brengt de commissie tot het oordeel dat de verzekeraar het standpunt heeft mogen aannemen dat sprake is geweest van een zwaardere verdenking dan een redelijk vermoeden van schuld aan fraude.

De commissie is van mening dat het handelen van de verzekeraar rechtmatig is en dat zij naar het oordeel van de commissie de geldende wet- en regelgeving in acht heeft genomen en een correcte belangen- en proportionaliteitsafweging heeft gemaakt.

Beslissing

De vordering van de consument wordt afgewezen.

Lees hier de gehele uitspraak.

Financieel Recht Advocaten

Wilt u advies over of begeleiding bij conflicten over het cliëntenonderzoek van banken en de registratie van persoonsgegevens in de Gebeurtenissenadministratie, het IVR, het Incidentenregister en het EVR? Neem dan vrijblijvend contact met ons op.

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen Laat ons u bellen

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant