X heeft een woning gekocht waarvoor hij een hypothecaire geldlening heeft afgesloten bij Direktbank voor € 180.000. X raakt eind 2012 voor de derde keer als gevolg van het faillissement van zijn werkgever zijn baan kwijt en ontvangt sindsdien een WW-uitkering. Er ontstaan verdere betalingsachterstanden, waarop Direktbank X aanschrijft tot openbare verkoop over te gaan als hij niet over zal gaan over tot betaling van de opgelopen achterstanden.

X vordert in kort geding de Direktbank te verbieden om de woning te veilen. Volgens X is er geen sprake van betalingsonwil, maar heeft hij niet aan zijn hypotheekverplichtingen kunnen voldoen vanwege het driemaal verliezen van zijn baan. X heeft zijn vordering – samengevat en onder verwijzing naar een vonnis van de voorzieningenrechter te Amsterdam van 13 mei 2013, (ECLI:NL:RBAMS:2013:CA0869) – ten grondslag gelegd dat de Direktbank misbruik maakt van haar recht, althans onrechtmatig jegens X handelt, althans in strijd met de redelijkheid en billijkheid, door op dit moment, nu er concreet zicht is op een oplossing en met de veiling een paardenmiddel wordt ingezet, terwijl er andere paden kunnen worden bewandeld die voor X minder verstrekkende gevolgen hebben en voor de Direktbank tot eenzelfde, zo niet beter resultaat zullen leiden.

Beoordeling
De voorzieningenrechter overweegt dat de Direktbank, als hypotheekhouder, in beginsel het recht heeft van parate executie. Aan de orde is de vraag of de Direktbank onder de geschetste omstandigheden door uitoefening van dat recht misbruik maakt van haar bevoegdheid. De voorzieningenrechter bepaalt dat de Direktbank heel gemakkelijk heeft aangenomen dat X niet geïnteresseerd was in het aanpassen van de hypotheekrente, nu hij niet is ingaan op het standaardaanbod van de bank om de rente aan te passen aan het eind van de rentevasteperiode(s).

De voorzieningenrechter acht het bovendien vooralsnog niet onaannemelijk dat de financiële situatie van X vanaf komende maand aanzienlijk zal verbeteren, met name doordat X een nieuwe baan heeft. Dit alles overziende is de voorzieningenrechter van oordeel dat het belang van X om niet geconfronteerd te worden met een restschuld prevaleert. Door de executie door te zetten juist op een moment waarop de financiële situatie van X zich lijkt te verbeteren, maakt de Direktbank naar het oordeel van de voorzieningenrechter misbruik van haar bevoegdheid.

De voorzieningenrechter gebiedt de Direktbank om de executie te schorsen, in die zin dat de geplande executoriale verkoop van de woning geen doorgang zal vinden.

Heeft u met uw bank een conflict over het uitwinnen van zekerheden of dreigt executie, neem dan vrijblijvend contact met ons op. Wij hebben ruime ervaring met het procederen tegen banken, verzekeraars en vermogensbeheerders alsmede tussenpersonen en/of financieel adviseurs. Klik hier voor de gehele uitspraak. Klik hier om contact met ons op te nemen.

Rob Silvertand

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen of bel 0416 65 00 86
Mireille Aarts

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant