ABN AMRO dient schadevergoeding te betalen van ruim ������� 11 mln. wegens schending zorgplicht

Feiten
Vastgoed BV handelt in vastgoed. In 2007 heeft Vastgoed BV ABN AMRO verzocht een financiering te verstrekken. Naar aanleiding hiervan heeft ABN AMRO in 2007 een productbeschrijving van een renteswap (IRS) aan Vastgoed BV verstrekt. In 2007 komt er tussen partijen een kredietovereenkomst tot stand van € 2 miljoen tegen een 3-maands Euribor-tarief verhoogd met een opslag van 1%. Vastgoed BV had, naast voornoemd krediet, bij SNS een krediet uitstaan van € 10 miljoen, ook tegen een variabele rente. Vastgoed BV krijgt vervolgens een renteswap aangeboden. Met die renteswap werden de variabele rentes omgezet in een vaste rente. Op 18 november 2008 heeft Vastgoed BV een renteswap afgenomen voor € 15 miljoen. De variabele rentes van de geldlening bij SNS en bij ABN AMRO werden hierdoor omgezet in een vaste rente van 3,67% per jaar.

Op 9 maart 2009 berichtte ABN AMRO dat zij voornemens was een liquiditeitspremie (= een opslag) in te voeren. Vastgoed BV zou dan over het krediet van € 2 miljoen naast de vaste rente ook een variabele premieopslag moeten betalen. Ter onderbouwing van de verhoging verwees ABN AMRO naar de verstoorde bancaire markt. Door deze liquiditeitspremie op te voeren, bleek deze vaste rente dus helemaal niet zo vast te zijn als gedacht. Er bleken alsnog variabele componenten in te zitten. Bij brief van 7 maart 2012 heeft Vastgoed BV de renteswapovereenkomst vernietigd wegens dwaling. ABN AMRO heeft de rechtsgeldigheid van deze vernietiging betwist. Vastgoed BV vordert dat ABN AMRO te veroordelen om aan Vastgoed BV (terug) te betalen alle onder de renteswapovereenkomst betaalde bedragen, ca. € 2 mln. wegens dwaling bij het afsluiten van de renteswapovereenkomst.

Rechtbank: informatievoorziening ABN AMRO onvoldoende
Vastgoed BV voert aan dat uit de door ABN AMRO verstrekte informatie volgt dat de renteswap de variabele 3-maands Euribor-tarief ‘swapt’ (ruilt) tegen het ‘Vast Rentepercentage’ van 3,67% per jaar. In de informatie staat niet vermeld dat naast het ‘Vast Rentepercentage’ andere variabele componenten in rekening kunnen worden gebracht. Het hof is van oordeel dat op dit punt het algemene informatiemateriaal van ABN AMRO onvoldoende was. In het materiaal dat ABN AMRO gebruikt heeft bij haar advies van de renteswap is niet opgenomen dat een deel van de rente (de liquiditeitspremie en andere renteopslagen) niet gefixeerd wordt door de swap, maar nog steeds variabel is en door ABN AMRO eenzijdig kan worden aangepast.

Op grond van het vorenstaand is het hof van oordeel dat de renteswap-overeenkomst onder invloed van dwaling tot stand is gekomen. Daarbij neemt het hof in aanmerking dat het uitsluitende doel van de renteswapovereenkomst de afdekking van het renterisico is en die afdekking met de renteswapovereenkomst maar gedeeltelijk wordt bereikt doordat de rentefixatie niet geldt voor genoemde opslagen. Het gerechtshof concludeert dat Vastgoed BV de renteswapovereenkomst terecht op grond van dwaling heeft vernietigd. De vernietiging leidt ertoe dat partijen zonder rechtsgrond hebben betaald. Dat betekent dat ook het gevorderde nettobedrag van € 2.029.024,43, de door Vastgoed BV betaalde swaprente verminderd met de van ABN AMRO ontvangen Euribor-rente, toewijsbaar is.

Heeft u een rentesap of derivaat en lijdt u schade. Neem dan vrijblijvend contact met ons op voor een eerste overleg. Financieel Recht Advocaten procedeert veel over de zorgplicht en schadevergoeding. Banken, verzekeraars en vermogensbeheerders zijn doorgaans de wederpartijen. Klik hier voor contact.

Klik hier voor de uitspraak van het Gerechtshof Amsterdam.

Zie ook vergelijkbare uitspraken:

Joost Papeveld

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen of bel 0416 65 00 86
Victor Welten

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant