X is het vastgoedbedrijf van de maatschap dierenartsencentrum (hierna: D.A.C.). De maten van D.A.C. zijn tevens aandeelhouders X.

X heeft een financieringsovereenkomst met de Rabobank gesloten. X wil namelijk een bedrijfspand laten bouwen. Ter uitvoering daarvan zijn er twee geldleningen verstrekt aan X door Rabobank. Op de leningen wordt maandelijks 5.000 euro aan rente en aflossing betaald. Rabobank heeft ter zekerheid hypotheekrecht verkregen op twee bedrijfspanden. In de toepasselijke algemene voorwaarden van Rabobank is in artikel 25 sub c opgenomen dat vervroegde aflossing geoorloofd is. Maar dat de debiteur hierbij wel een vergoeding verschuldigd is.

Verkoop bedrijfspand

Op 8 januari deelt een maat van D.A.C. aan een medewerker van Rabobank mede dat X het verhypothekeerde bedrijfspand wil verkopen aan één van de maten. Gelet op de verminderde zekerheidspositie van Rabobank is afgesproken dat minimaal 150.000 euro van de financieringsovereenkomst afgelost dient te worden. X verkoopt het pand en lost 150.000 euro extra af op de lening van Rabobank.

Uit de afrekening van de notaris bleek dat Rabobank een boete in rekening heeft gebracht aan X. Dit bedrag is vastgesteld op 8.161,81 euro.

X vordert terugbetaling

X vordert terugbetaling door Rabobank van de in rekening gebrachte boeterente. X stelt contractueel niet verplicht te zijn tot betaling van de boeterente over de extra aflossing. Subsidiair doet X een beroep op de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid. Meer subsidiair stelt X dat de boete te hoog is vastgesteld.

Uitleg van het boetebeding

Volgens Rabobank is de verplichting tot betaling van de boeterente duidelijk omschreven in artikel 25 sub c van de algemene voorwaarden. X is het hier niet mee eens, volgens X ziet dit artikel alleen op de vrijwillige extra aflossing waarvoor een debiteur kan kiezen en daarvan is in dit geval geen sprake.

De kantonrechter constateert dat beide partijen een eigen interpretatie aan de overeenkomst geven, hierdoor zal deze moeten worden uitgelegd. Volgens de kantonrechter vindt die uitleg “niet alleen op basis van de taalkundige uitleg plaats, maar ook op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan die bepaling mochten toekennen en hetgeen zij te dien aanzien van elkaar mochten verwachten.” Ook de rechtskennis van partijen kan hierin worden meegenomen door de kantonrechter.

De kantonrechter oordeelt over deze uitleg als volgt. Er is bij totstandkoming van de overeenkomst niet over de boetebepaling onderhandeld. Deze boete is pas ter sprake gekomen toen deze in rekening gebracht werd. De begrippen ‘vervroegde aflossing’, ‘verplichte aflossing’ en ‘extra aflossing’ zijn niet nader gedefinieerd in de algemene voorwaarden. Volgens de kantonrechter kan aangenomen worden dat de woorden ‘vervroegde aflossing’ in de tweede zin van artikel 25 sub c algemene voorwaarden verwijzen naar dezelfde woorden in de eerste zin van dat artikel. Het is volgens de kantonrechter dan ook te verdedigen dat de boete is gekoppeld aan vervroegde en/of extra aflossing die ‘zijn geoorloofd’, dus aan aflossingen die de debiteur vrijwillig kan doen.

Rabobank heeft gesteld dat er wel sprake is van een vrije keuze van X. X heeft er immers zelf voor gekozen het onderpand te verkopen. Volgens de kantonrechter is dit verweer verdedigbaar, maar iets minder voor de hand liggend.

Contra proferentem-regel

De conclusie van de kantonrechter is dat het beding op meerdere manieren uitgelegd kan worden. Wanneer dit het geval is wordt de uitleg gekozen die het meest gunstig is voor de wederpartij van degene die de voorwaarden heeft opgesteld. De algemene voorwaarden worden dus in het voordeel van X uitgelegd. De kantonrechter baseert dit op art. 6:238 lid 2 BW, dit wordt de contra proferentem-regel genoemd. Normaal gezien heeft deze regel betrekking op consumenten. Maar gezien het feit dat X geen invloed heeft gehad op de inhoud of toepassing van het beding geldt de contra proferentem-regel ook voor X.

De vordering wordt toegewezen. De kantonrechter veroordeelt Rabobank tot betaling van 8.161.81 aan X.

Lees hier de hele uitspraak.

Financieel Recht advocaten

Heeft u vragen hierover? Neem dan vrijblijvend contact op met een van onze advocaten

Sylvia Rietbroek

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen of bel 0416 65 00 86
Mireille Aarts

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant