Uitspraak: Wwft klantonderzoek: wanneer mag een bank de relatie beëindigen?

“Een bank mag op grond van de Wwft een klantrelatie beëindigen als het cliëntenonderzoek onvoldoende duidelijkheid oplevert over de aard en herkomst van geldstromen of integriteitsrisico’s blijven bestaan. Ook als beëindiging ingrijpend is voor de ondernemer, kan deze toch rechtmatig zijn wanneer twijfels, zoals een EVR-registratie, niet worden weggenomen.”

Het cliëntenonderzoek op grond van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren terrorisme (Wwft) speelt in de praktijk een steeds grotere rol bij het beëindigen van bankrelaties. Banken staan onder zware toezicht- en handhavingsdruk en moeten bij signalen van integriteitsrisico’s ingrijpen.

In het vonnis van de Rechtbank Amsterdam van 22 oktober 2025 (ECLI:NL:RBAMS:2025:8476) stond centraal of Rabobank de bankrelatie met een uitzendonderneming mocht beëindigen na een uitgebreid klantonderzoek. De zaak is relevant voor ondernemers die worden geconfronteerd met een opzegging van hun bankrekening en zich afvragen hoe ver de verplichtingen van een bank reiken.


Wat is er beslist door de rechtbank?

De rechtbank oordeelde dat Rabobank de bankrelatie met Motivo NL B.V. rechtmatig mocht beëindigen. Daarbij stelde de rechtbank voorop dat een bankrelatie in beginsel opzegbaar is, zeker wanneer dit expliciet in de algemene voorwaarden is opgenomen. Die contractuele bevoegdheid wordt echter begrensd door de redelijkheid en billijkheid.

Rabobank had een Wwft-klantonderzoek uitgevoerd tussen mei 2023 en februari 2024. Daaruit kwamen meerdere aandachtspunten naar voren, waaronder een EVR-registratie, administratieve onjuistheden, zakelijk gebruik van rekeningen voor privé-uitgaven en omvangrijke contante betalingen.

Hoewel een deel van deze punten later werd hersteld, bleef volgens de rechtbank een kernprobleem bestaan: er waren blijvende en onvoldoende verklaarde twijfels over de integriteit en aard van de onderneming.

De rechtbank maakte onderscheid tussen een ex-tunc-toets (het moment van opzegging) en een ex-nunc-toets (alle feiten tot aan de zitting). Ook bij die laatste beoordeling bleef de uitkomst negatief voor de ondernemer.


Juridische duiding: Wwft klantonderzoek bank en beëindiging

Het Wwft-klantonderzoek is gebaseerd op wettelijke verplichtingen. Artikel 3 Wwft verplicht banken om cliëntenonderzoek te verrichten, waaronder het vaststellen van het doel en de beoogde aard van de zakelijke relatie. Als dat niet lukt, schrijft artikel 5 lid 3 Wwft voor dat de bank de relatie moet beëindigen.

Daarnaast speelt de maatschappelijke zorgplicht van banken een belangrijke rol. Banken moeten bijdragen aan het voorkomen van financieel-economische criminaliteit en reputatierisico’s beheersen.

In deze zaak was vooral de EVR-registratie doorslaggevend. Het EVR is een register dat door financiële instellingen wordt gebruikt om integriteitsincidenten te delen. Zonder verwijdering of overtuigende uitleg mocht Rabobank ervan uitgaan dat het risico bleef bestaan.

De rechtbank benadrukte ook het proportionaliteitsvereiste: niet elke onvolkomenheid rechtvaardigt direct beëindiging. Toch woog het totaalbeeld – en vooral het ontbreken van geloofwaardige verklaringen – zwaarder.


Wat betekent dit voor u als ondernemer?

Deze uitspraak laat zien dat het Wwft-klantonderzoek geen formaliteit is. Banken verwachten actieve, tijdige en volledige medewerking. Het enkele feit dat een opzegging grote gevolgen heeft, is onvoldoende om beëindiging tegen te houden.

Ondernemers moeten alert zijn op signalen zoals:

  • herhaalde vragen van de bank over geldstromen of bedrijfsstructuur;
  • verzoeken om jaarrekeningen, UBO-informatie of verklaringen voor transacties;
  • aanwijzingen van verscherpt cliëntenonderzoek;
  • een EVR- of IVR-registratie.

Wie pas laat reageert of correcties vlak voor een procedure doorvoert, loopt een groot risico dat de bankrelatie toch eindigt.


Financieel Recht Advocaten

Heeft u te maken met een Wwft klantonderzoek en dreigt uw bankrekening te worden beëindigd?. Dan kan het zinvol zijn om tijdig juridisch inzicht te krijgen in uw positie. Financieel Recht Advocaten ondersteunt ondernemers en particulieren bij conflicten met banken en financiële instellingen over onder meer IVR- en EVR-registraties, transactiemonitoring en witwasregelgeving. U kunt vrijblijvend contact opnemen met ons.


Praktische FAQ’s

Mag een bank mijn rekening opzeggen alleen vanwege Wwft?

Nee. Een bank mag je rekening niet alleen vanwege de Wwft opzeggen. Opzegging is pas toegestaan als de bank door concrete issues (zoals onvoldoende informatie, onaanvaardbare risico’s of gebrek aan medewerking) haar wettelijke klantonderzoek niet kan uitvoeren, dan wel concludeert dat er sprake is van een onaanvaardbaar risico. Beëindiging moet naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid aanvaardbaar zijn. Alleen verwijzen naar “Wwft” is dus onvoldoende.

Is een EVR-registratie altijd doorslaggevend?

Is een EVR-registratie altijd doorslaggevend voor de vraag of de bank mag opzeggen? Nee. Een EVR-registratie is niet automatisch doorslaggevend. Bij de beoordeling of de beëindiging naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is, dienen alle relevante feiten en omstandigheden gewogen te worden (zie bijvoorbeeld: Hoge Raad 16 februari 2024, ECLI:NL:HR:2024:258). Een bank moet altijd beoordelen of de registratie in jouw specifieke situatie daadwerkelijk een actueel en relevant integriteitsrisico oplevert en of opzegging proportioneel is. Het bestaan van een EVR registratie is dus een omstandigheid die gewogen dient te worden maar niet op zichzelf reeds beëindiging rechtvaardigt.

Kan de rechter een bank dwingen de relatie voort te zetten?

Ja, in uitzonderlijke gevallen kan een rechter een bank verplichten de relatie (tijdelijk) voort te zetten. Dit gebeurt vooral wanneer beëindiging directe en onevenredige schade veroorzaakt en nog niet vaststaat dat de opzegging rechtmatig is. Zo oordeelde de Rechtbank Amsterdam dat Rabobank de opzegging moest opschorten totdat in een bodemprocedure was beslist (ECLI:NL:RBAMS:2024:5239).

Maakt het uit dat ik nergens anders een rekening krijg?

Dat is een gezichtspunt dat gewicht in de schaal kan leggen, maar is niet doorslaggevend. Integriteitsrisico’s kunnen zwaarder wegen dan het belang van de klant tot toegang tot een bankrekening. Niet kunnen deelnemen aan het betalingsverkeer is een belang dat zwaar weegt. Zeker in het geval u ondernemer bent. Consumenten kunnen meestal een basisbankrekening krijgen indien zij geen gewone bankrekening kunnen krijgen. Dat geldt voor ondernemers niet.

Mag een bank mij alles vragen?

Van belang is dat u de bank vraagt op welke grondslag zij u bevragen. Als zij u bevragen in het kader van de Wft, dan is de verwerkingsgrondslag ‘gerechtvaardigd belang’. Bevragen ze u in het kader van de Wwft, dan is de grondslag ‘wettelijke verplichting’ of mogelijk ‘algemeen belang’ (art. 43 Richtlijn EU 2015/849, Richtlijn – 2015/849 – EN – EUR-Lex). De mogelijkheden om u te bevragen zijn beperkter indien de grondslag ‘gerechtvaardigd belang’ is. Steeds geldt dat de bevraging tot het strikt noodzakelijke beperkt moet blijven. Dat volgt uit art. 5 lid 1 sub c AVG.


Disclaimer: De informatie op deze website is geen op maat gesneden juridisch advies. Neem contact op indien u meer informatie wenst.  


Rob Silvertand

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 20+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 20+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant