Curatoren van bank niet executoriaal bevoegd

A en B hebben in 2005 twee hypothecaire geldleningen afgesloten bij DSB Bank. Het gaat om een totaalbedrag van 184.700 euro. A heeft de rechten uit zijn levensverzekering aan DSB verpand. Aan de DSB bank is in 2006 een zekerheid verstrekt door een hypotheekrecht te vestigingen op de woning van A en B.

De DSB bank is in 2009 failliet verklaard. Na de faillietverklaring is een betalingsachterstand ontstaan met A en B. De achterstand is niet ingelopen, ondanks meerdere aanmaningen. DSB bank heeft de leningen vervroegd opgeëist wegens de betalingsachterstand. In 2011 wordt een schikking getroffen, waardoor klanten waar de zorgplicht is geschonden een vergoeding verkrijgen van 9.000 euro. Dit geldt ook voor A en B.

De curatoren hebben in het najaar van 2013 laten weten dat het onderpand openbaar zal worden verkocht wegens de betalingsachterstand. De openbare verkoop is meerdere keren uitgesteld. In december 2013 is een nieuw compensatievoorstel gedaan van 36.000 euro.

A en B hebben bij de voorzieningenrechter gevorderd dat de executoriale verkoop wordt gestaakt. De curatoren hebben aangevoerd dat bij het akkoord over het compensatievoorstel is besloten dat dit bedrag in mindering werd gebracht op de betalingsachterstand. Daarom zou een executoriale verkoop niet meer nodig zijn. De rechtbank heeft de voorziening afgewezen.

A en B zijn in 2014 akkoord gegaan met het voorstel tot compensatie. Zij hebben een bedrag van 50.000 euro aan de bank betaald om de verpande levensverzekering af te kopen. De curatoren hebben vervolgens de woning verkocht.

Vordering

A en B vorderen een verklaring voor recht dat de curatoren tekort zijn geschoten door over te gaan op executie van de woning. Dit zou een onrechtmatige daad opleveren, waarvoor A en B een schadevergoeding moeten krijgen. Met de curatoren was immers afgesproken dat door de acceptatie van het compensatievoorstel de executie zou worden gestaakt.

Beoordeling rechtbank

De rechtbank heeft de vorderingen van A en B afgewezen. A en B besluiten in beroep te gaan.

Oordeel hof

De curatoren hebben toegezegd dat bij acceptatie van het compensatievoorstel het verzuim zou worden gezuiverd. Een executoriale verkoop zou dan niet langer nodig zijn. Er kan niet worden geconcludeerd dat A en B geen gebruik wilde maken van de compensatie en zuivering van het verzuim. Daarnaast hebben de curatoren per brief laten weten dat het compensatievoorstel is verrekend. Daarbij zou de registrering in het BKR zijn verwijderd. Hieruit blijkt dat A en B het compensatievoorstel hebben aanvaard. Niet hebben de curatoren gemeld dat het aanbod van zuivering van verzuim niet meer geldend zou zijn.

Door uitwinning van de levensverzekering is slechts een termijn onbetaald gebleven. Dit is van onvoldoende omvang om tot executie van de woning over te gaan. De curatoren waren niet langer bevoegd om tot executoriale verkoop van de woning over te gaan.

Klik hier voor de volledige uitspraak.

Financieel Recht

Heeft u vragen over bijvoorbeeld de executie van uw woning? Neem vrijblijvend contact met ons op.

Victor Welten

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen Laat ons u bellen
Rob Silvertand

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant