Hypotheekadviseurs van ABN krijgen beroepsverboden opgelegd

X was vóór 1996 al meerdere jaren klant bij de rechtsvoorganger van ABN Amro N.V. In 2000 sloot X een vermogensbeheerovereenkomst met ABN af, de doelstelling daarvan was vermogensgroei op lange termijn, met de bereidheid om enig risico te lopen. Het door haar belegde vermogen betrof ca. € 1,5 mln. Als gevolg van de vermogensbeheerrelatie met ABN, beschikte X tussen 2000 en 2006 over een effectenportefeuille, die hoofdzakelijk uit aandelen (81%) bestond. In 2006 heeft X de vermogensbeheerrelatie beëindigd wegens tegenvallende resultaten, haar vermogen was geslonken naar minder dan € 1 mln. 

Nadat X in 2009 is overleden, stellen de kinderen van X ABN Amro N.V. (hierna:”ABN”) in 2010 aansprakelijk voor de schade die voortvloeit uit de wijze van vermogensbeheer. De kinderen van erflaatster stellen dat ABN haar zorgplicht heeft geschonden.

ABN had vrije hand bij vermogensbeheer: zorgplicht groter

Tot uitgangspunt strekt dat op ABN als vermogensbeheerder tegenover erflaatster als particuliere belegger een bijzondere zorgplicht rustte en dat onderdeel van die zorgplicht vormde dat ABN voorafgaand aan het sluiten van de vermogensbeheerovereenkomst naar behoren onderzoek moest doen naar de financiële mogelijkheden, deskundigheid en doelstellingen van erflaatster. Daarnaast kan de bijzondere zorgplicht met zich brengen dat ABN dient te waarschuwen voor de bijzondere risico's die verbonden zijn aan de handel in de portefeuille opgenomen effecten. Aangezien het hier bovendien gaat om een vermogensbeheerrelatie waarbij ABN de vrije hand is gelaten bij de uitvoering van het vermogensbeheer, rustte op ABN deze verplichting des te meer.

Rechtbank: niet voldaan aan know your customer-beginsel

Tussen partijen staat vast dat ABN een onderzoek naar de financiële mogelijkheden, deskundigheid en doelstellingen van erflaatster niet heeft verricht. De conclusie is daarom dat ABN is tekortgeschoten in haar onderzoeksplicht. De schending door ABN van haar onderzoeksplicht leidt echter niet zonder meer tot het oordeel dat zij aansprakelijk is voor de door eisers beweerdelijk geleden schade. Hiervan zal pas sprake zijn, indien komt vast te staan dat ABN, indien zij wel aan haar onderzoeksplicht zou hebben voldaan, de effectenportefeuille minder risicovol zou hebben ingericht en daarmee een beter beleggingsresultaat zou zijn behaald.

De rechtbank acht aannemelijk dat, indien ABN aan haar onderzoeksplicht had voldaan, de effectenportefeuille minder risicovol zou zijn ingericht. In dit verband wordt van belang geoordeeld dat erflaatster ten tijde van het sluiten van de vermogensbeheerovereenkomst 84 jaar oud was, dat zij beschikte over een AOW als inkomstenbron, dat zij jaarlijks aanzienlijke bedragen aan haar kinderen en kleinkinderen schonk en dat het de bedoeling was dat het vermogen op haar kinderen zou overgaan.

Schade en eigen schuld

Voor de vaststelling van de schade die het gevolg is van het niet vaststellen van een cliëntenprofiel dient een vergelijking plaats te vinden tussen de hypothetische situatie waarin het vermogensbeheer zou hebben plaatsgevonden op basis van een neutraal profiel en de werkelijke situatie. De rechtbank heeft op dit punt behoefte aan voorlichting door partijen en mogelijk ook door een deskundige.

Met betrekking tot het beroep van ABN op eigen schuld, wordt reeds nu geoordeeld dat dit verweer slaagt. Tussen partijen staat vast dat ABN regelmatig portefeuilleoverzichten zond aan X. Voor zover komt vast te staan dat eisers als gevolg van de Banks schending van haar zorgplicht, schade heeft geleden, zal een deel van deze schade voor rekening van eisers moeten blijven. Het deel dat voor rekening van eisers dient te blijven, wordt vastgesteld op 50%.

Tussenconclusie

ABN is tekortgeschoten in haar bijzondere zorgplicht bestaande uit het voorafgaand aan het sluiten van de vermogensbeheerovereenkomst naar behoren onderzoek doen naar de financiële mogelijkheden, deskundigheid en doelstellingen van erflaatster. ABN is aansprakelijk voor de daardoor door eisers geleden schade. De rechtbank heeft behoefte aan voorlichting door partijen en eventueel door een deskundige, ter zake van de schadeberekening. Voor zover vast komt te staan dat eisers schade hebben geleden, dient hiervan 50% voor rekening van eisers te blijven.

Financieel Recht Advocaten

Bent u ook ontevreden over uw bank, verzekeraar of vermogensbeheerder? Wij hebben ruime ervaring met het procederen tegen banken, verzekeraars en vermogensbeheerders alsmede tussenpersonen en/of financieel adviseurs. Neem vrijblijvend contact met ons op via ons contactformulier.

Klik hier voor de gehele uitspraak.

Zie ook vergelijkbare uitspraken:

Joost Papeveld

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen of bel 0416 65 00 86
Joost Papeveld

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant