Uitspraak: Arbeidsovereenkomst vs. zelfstandig ondernemerschap: Hof Amsterdam bevestigt rechten van kranten-depothouders

Recentelijk heeft het Hof Amsterdam uitspraak gedaan in een zaak waarbij de arbeidsrelatie tussen kranten-depothouders en Mediahuis centraal stond. Het hof bevestigt dat deze depothouders op basis van een arbeidsovereenkomst en niet als zelfstandige ondernemers werkten. Deze beslissing volgt de lijn van de eerder bekendgemaakte Deliveroo-uitspraak van de Hoge Raad.

Deliveroo-arrest als leidraad

De kernvraag in deze zaak was of de depothouders bij Mediahuis werkten als werknemers met een arbeidsovereenkomst of als zelfstandige opdrachtnemers. Het Hof Amsterdam past hierbij de gezichtspunten toe die eerder zijn geformuleerd in het Deliveroo-arrest van de Hoge Raad. Volgens dit arrest hangt de kwalificatie van een overeenkomst als arbeidsovereenkomst af van diverse factoren, zoals de aard en duur van de werkzaamheden, de wijze van werkbepaling, de inbedding in de organisatie, en het al dan niet bestaan van een verplichting tot persoonlijke uitvoering van het werk.

Recht op vergoedingen

Het Hof oordeelt dat Mediahuis de arbeidsovereenkomsten onrechtmatig heeft beëindigd zonder vereiste toestemming. Hierdoor hebben de depothouders recht op verschillende vergoedingen, waaronder de transitievergoeding en een billijke vergoeding. Het hof bekrachtigt het vonnis in eerste aanleg, met uitzondering van de hoogte van de toegewezen vergoedingen.

Achttien depothouders ontslagen

Mediahuis had achttien voormalige depothouders zonder enige vergoeding ontslagen bij het stoppen van de middagbezorging door NRC en Het Parool. Het hof bevestigt grotendeels de vonnissen waarin werd geoordeeld dat deze depothouders op basis van een arbeidsovereenkomst werkten. Het vernietigt echter een vonnis waarin werd geoordeeld dat geen sprake was van een arbeidsovereenkomst. Mediahuis moet nu diverse ontslagvergoedingen betalen, variërend tot ruim 75.000 euro bruto per zaak, inclusief proceskosten.

Meer rechten voor schijnzelfstandigen

Het hof past in de negentien zaken de criteria van de Hoge Raad toe en concludeert tot ‘schijnzelfstandigheid’ van de depothouders. Volgens het hof werkten zij in werkelijkheid volgens instructies van Mediahuis, wat de feitelijke gang van zaken zwaarder laat wegen dan de op papier vastgelegde constructie. Dit bevestigt dat de depothouders op basis van een arbeidsovereenkomst werkten, wat hen extra rechten geeft, met name bij ontslag.

Conclusie

Deze uitspraak onderstreept het belang van een zorgvuldige beoordeling van de arbeidsrelaties. Voor depothouders die menen dat ze op basis van een arbeidsovereenkomst hebben gewerkt, kan dit nieuwe perspectieven bieden. Voor vragen over arbeidsrechtelijke kwesties en ontslagvergoedingen kunt u contact opnemen met onze gespecialiseerde advocaten bij Financieel Recht Advocaten.

Rob Silvertand

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant