Uitspraak: Beëindiging klantrelatie en opname gegevens in registers blijft standhouden

Een recente uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland op 23 mei 2023 heeft geleid tot een interessante ontwikkeling in het financiële recht. In deze zaak heeft Rabobank een klantrelatie met een klant beëindigd en diens gegevens opgenomen in registers voor fraudebestrijding. De klant was het hier niet mee eens en voerde aan dat de bank onrechtmatig handelde. De rechtbank heeft echter geoordeeld dat de belangen van de bank zwaarder wegen dan die van de klant en heeft de vorderingen van de klant afgewezen. Laten we eens dieper ingaan op de kern van deze zaak.

De zaak in het kort

De zaak draait om een klant van Rabobank, die zowel persoonlijk als via twee besloten vennootschappen klant is bij de bank. Na een klantonderzoek door Rabobank rezen er twijfels over de juistheid van de verstrekte gegevens door de klant. Als gevolg hiervan heeft Rabobank de gegevens van de klant en zijn vennootschappen opgenomen in registers voor fraudebestrijding, waaronder het Intern Verwijzingsregister van de bank. Tevens besloot de bank de klantrelatie met de klant te beëindigen.

Onrechtmatig handelen?

De klant was het niet eens met deze beslissing en stelde dat Rabobank onrechtmatig had gehandeld. Hij eiste verwijdering van zijn gegevens uit de registers, toegang tot zijn bankrekeningen en voortzetting van de overeenkomsten met de bank. De klant beweerde dat hij altijd had meegewerkt, maar dat de bank hem wilde ‘wegpesten’.

Rabobank’s verdediging

Rabobank verdedigde haar standpunt door te stellen dat het opnemen van gegevens in de registers van vitaal belang is om de veiligheid en integriteit van de financiële sector te waarborgen. De klant had volgens de bank geen afdoende verklaring gegeven voor de onjuiste gegevens en deze werden als fraude beschouwd. Dit rechtvaardigde volgens Rabobank de opname in de registers.

Rechtbank’s oordeel

De rechtbank heeft geoordeeld dat de klant de argumenten van Rabobank onvoldoende heeft betwist. Omdat Rabobank op de juiste manier hoor en wederhoor heeft toegepast en er nog steeds een vermoeden van fraude is, heeft de bank het recht om de gegevens op te nemen in de registers. Bovendien heeft de rechtbank vastgesteld dat de belangen van de bank bij het waarborgen van de sector veiligheid en integriteit zwaarder wegen dan die van de klant.

Opzegging klantrelatie

De rechtbank oordeelde eveneens dat Rabobank gerechtigd was om de klantrelatie te beëindigen, aangezien er opzeggingsmogelijkheden waren in de duurovereenkomsten tussen de klant en de bank. Deze mogelijkheden waren consistent met de vijf redenen die Rabobank naar voren bracht. Omdat de klant bovendien ook rekeningen bij andere banken had, werd het belang van de bank om aan haar wettelijke verplichtingen te voldoen als zwaarder beschouwd dan het belang van de klant om de rekeningen te behouden.

Conclusie

De uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland benadrukt het belang van klantonderzoek en fraudebestrijding in de financiële sector. Het toont aan dat een bank gerechtigd is om een klantrelatie te beëindigen en gegevens op te nemen in registers als er vermoedens van fraude bestaan. De rechter heeft duidelijk gemaakt dat de veiligheid en integriteit van de financiële sector boven het individuele belang van de klant kunnen wegen. Als u meer wilt weten over uw rechten en plichten in soortgelijke situaties, staan onze ervaren advocaten van Financieel Recht Advocaten voor u klaar. Neem gerust contact met ons op voor advies op maat.

Lenie Spoor

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Neem contact op

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant