In januari 2019 heeft eiser met behulp van zijn hypotheekadviseur een hypotheekaanvraag ingediend bij ABN AMRO ter financiering van een woning. Eiser was werkzaam voor zijn broer bij Rijschool Verhuur B.V., dit bedrijf is in februari 2019 ontbonden.

Eiser heeft heeft een werkgeversverklaring van Rijschool Verhuur aan ABN AMRO gestuurd met een bruto jaarsalaris van € 56.760,00. Op de salarisstrook staat een netto maandsalaris van € 3.388,57. Op een bankafschrift van zijn ING-rekening staat een positief saldo op 7 januari 2019 van € 11.790,46.

Op 10 april 2019 heeft de broer van eiser aan ABN AMRO gemeld dat hij was gestuit op een werkgeversverklaring op naam van eiser met daarop onjuiste loongegevens. Naar aanleiding van die melding is ABN AMRO een fraudeonderzoek naar eiser gestart.

In augustus 2019 heeft ABN AMRO eiser geïnformeerd dat hij vanwege fraude is ingeschreven in het Incidentenregister en het EVR, en dat zij de kredietovereenkomst heeft opgezegd. Eiser heeft de hypothecaire geldlening niet afgelost. ABN AMRO is niet overgegaan tot parate executie na een verzoek daartoe van eiser.

Het geschil

Eiser vordert, kort gezegd, dat de rechtbank voor recht verklaart dat de beëindigde bankrelatie onrechtmatig was en dat de rechtbank ABN Amro beveelt de bankrelatie voort te zetten en iedere registratie te verwijderen.

Eiser legt aan zijn vorderingen ten grondslag dat hij niet bewust onjuiste informatie heeft verstrekt bij zijn hypotheekaanvraag, zodat ABN AMRO de bankrelatie niet mocht beëindigen. Volgens eiser heeft ABN AMRO haar zorgplicht jegens hem geschonden door hem op grond van vermoedens en aannames aan te merken als fraudeur en door onvoldoende rekening te houden met zijn belangen.

De beoordeling

Ter beoordeling staat de vraag of ABN AMRO de bancaire relatie met eiser mocht beëindigen. Naar het oordeel van de rechtbank heeft ABN AMRO voldoende onderbouwd aangevoerd dat zij eiser meerdere malen in de gelegenheid heeft gesteld om bepaalde documentatie aan te leveren. Op eiser rustte de verplichting bestaande onduidelijkheden bij ABN AMRO weg te nemen. Dit heeft eiser volgens de rechtbank onvoldoende gedaan.

Uit de door eiser overgelegde salarisspecificatie van oktober 2018 volgt immers dat het totale maandelijkse netto bedrag werd overgemaakt op de ING-rekening. Ter zitting heeft eiser erkend dat hij op 4 januari 2019 een bedrag ter hoogte van zijn nettosalaris heeft overgemaakt van zijn ING-rekening naar de zakelijke rekening van Rijschool Verhuur en deze dezelfde dag weer heeft teruggestort, zodat het leek alsof zijn loon maandelijks volledig en correct op zijn ING-rekening werd overgemaakt.

De rechtbank is van oordeel dat ABN AMRO niet haar zorgplicht heeft geschonden. Zij had genoeg aanleiding het fraudeonderzoek te starten en de bankrelatie te beëindigen. Eiser heeft tegenover de gemotiveerde betwisting door ABN AMRO onvoldoende feiten en omstandigheden gesteld waaruit blijkt dat ABN AMRO ten onrechte heeft geoordeeld dat eiser bewust onjuiste informatie heeft verstrekt over zijn financiële gegevens bij de aanvraag van de hypothecaire geldlening, aldus de rechtbank.

ABN AMRO heeft de bankrelatie dus rechtsgeldig opgezegd. De vorderingen van eiser worden afgewezen.

Lees hier de hele uitspraak.

Financieel Recht Advocaten

Heeft u het vermoeden dat u schade heeft geleden als gevolg van slecht advies van uw hypotheekadviseur en/of bank? Neem dan hier vrijblijvend contact op met een van onze advocaten. Ons kantoor heeft ruime ervaring met het procederen tegen banken, tussenpersonen, financieel adviseurs, hypotheekadviseurs, beleggingsadviseurs alsmede vermogensbeheerders.

Victor Welten

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen Laat ons u bellen
Rob Silvertand

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant