Consument heeft uit eigen beweging de bancaire relatie beëindigd, wegens de slordige uitvoering van het cliëntenonderzoek. Ook is er een klacht ingediend bij het Financiële Klachteninstituut KiFiD.

Verkeerde informatie

De consument hield een betaalrekening aan bij de bank. In de periode van 18 januari 2020 tot en met 1 februari 2021 heeft de consument een totaalbedrag van € 54.350,- op haar betaalrekening bij de bank gestort. Op een gegeven moment heeft de bank de consument om toelichting van het gebruik van de betaalrekening verzocht. Op 17 maart 2021 heeft de bank per ongeluk informatie van een andere klant van de bank aan de consument verstuurd. De bank heeft hiervoor haar excuses gemaakt.

Beëindiging en klacht

Op 1 april 2021 heeft de bank aan de consument dat zij onvoldoende inzicht heeft gekregen in de transacties op de betaalrekening. De consument heeft vervolgens uit eigen beweging de betaalrekening beëindigd en een klacht ingediend bij de bank over het cliëntenonderzoek.

De consument vordert dat de bank schriftelijk excuses aanbiedt aan haar. Aan deze vordering legt de consument ten grondslag dat zij is aangetast in haar integriteit door haar aan te merken als verdacht van terrorismefinanciering en witwassen.

Beoordeling Commissie

De commissie gaat allereerst in op het onderzoek naar de storting op de betaalrekening. De bank heeft de consument in dit onderzoek gevraagd naar de herkomst van de bedragen die zij contant heeft gestort op haar betaalrekening. Als reden voor deze stortingen heeft consument gegeven dat zij dit geld had gespaard en het eigenlijk bedoeld was voor een verbouwing.

De bank heeft de consument om ondersteunende bewijsstukken gevraagd voor de verklaringen die zij heeft gegeven over het gebruik van haar betaalrekening. De door de consument toegezonden stukken zijn vervolgens onvoldoende bevonden door de bank. De commissie acht het logisch dat de bank vragen heeft gesteld naar aanleiding van de stortingen. Het klachtonderdeel is ongegrond.

Verder is naar het oordeel van de commissie niet gebleken dat de bank in strijd met haar zorgplicht heeft gehandeld. De bank heeft voldoende rekening gehouden met de belangen van de consument door haar meerdere keren de kans te geven de herkomst van de contante stortingen toe te lichten. Daarbij komt dat excuses niet rechtens afdwingbaar zijn. De commissie wijst de vordering af.

Financieel Recht Advocaten

Wilt u advies over of begeleiding bij conflicten over het cliëntenonderzoek van banken en de registratie van persoonsgegevens in de Gebeurtenissenadministratie, het IVR, het Incidentenregister en het EVR? Neem dan vrijblijvend contact met ons op.

Wij staan voor u klaar

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant
Laat ons u helpen Laat ons u bellen

Wij helpen u graag

  • Tegen financiële dienstverleners
  • 10+ jaar ervaring
  • Eerlijk en transparant